Keuringsreglement

Algemene voorwaarden ten behoeve van de inzenders van dieren naar de keuring.

Artikel 1. Begripsomschrijving

Dit reglement verstaat onder:

  1. Commissie, diegenen die zijn belast met de organisatie van de keuring. Het bestuur van het Verbeterd Roodbont Vleesvee Stamboek benoemt de commissie.
  2. Jury, diegenen die de voorgebrachte dieren beoordelen en in rangorde (per rubriek) plaatsen. De jury, bestaat uit 2 personen.
  3. Arbiter, diegene die beslist indien de jury niet tot een oordeel (plaatsing) kan komen.
  4. Ringmeester(s), diegene(n) die namens de commissie is (zijn) belast met het handhaven van de door de commissie gestelde regels.
  5. Dierenarts, een door de commissie benoemde veterinair, die de dieren op veterinaire aspecten beoordeelt.
  6. Inzender, is fokker en of eigenaar van de kandidaat keuringsdieren, is lid van het Verbeterd Roodbont Vleesvee Stamboek en biedt dieren ter keuring aan.
  7. Lintendame, helpt bij het uitreiken van de lintjes, bekers en cadeautjes.
Artikel 2. Algemene bepalingen
  1. Met inachtneming van het bepaalde in dit reglement, is het toegestaan dieren ter keuring voor te brengen.
  2. De inzender dient te voldoen aan de in dit reglement genoemde regels en is verplicht de aanwijzingen van de ringmeester, jury en dierenarts op te volgen.
  3. Bij het niet voldoen aan het in het vorige lid bedoelde, kan de inzender door de commissie worden gediskwalificeerd. Hiertoe zijn alleen de personen die de commissie vormen, gemachtigd.
  4. Beslissingen genomen door de ringmeester, jury en/of dierenarts zijn bindend. Men kan schriftelijk bezwaar maken tegen deze beslissing bij de commissie.
  5. De commissie doet binnen één maand uitspraak. Deze uitspraak is onherroepelijk (geen verder bezwaar mogelijk).
Artikel 3. Inzendingsvoorwaarden
  1. De aan te voeren dieren moeten op de dag van de keuring in een gezonde staat zijn. Bij twijfel wordt door de organisatie een oordeel van de dierenarts gevraagd.
  2. Inzenders moeten te allen tijde voldoen aan eisen in verband met de keuring gesteld door de gezondheidsdienst en/of het ministerie van Economische Zaken.
  3. Inzenders moeten indien nodig, uitslagen van bloedonderzoeken door de gezondheidsdienst vóór de in het vraagprogramma aangegeven datum inzenden.
  4. 4. De in te zenden dieren dienen meer dan 50% raszuiver te zijn. De dieren moeten bij het NRS minimaal als 62.5% VRB geregistreerd staan. Op de algemene ledenvergadering d.d. 9 februari 2019 is besloten om:
    • met ingang van 2022 het percentage van 62% aan te passen naar 75%,
    • met ingang van 2025 het percentage van 75% aan te passen naar 87%,
    • met ingang van 2028 het percentage van 87% aan te passen naar 100%,
  5. De haarkleur is roodbont/rood.
  6. Aan de vrouwelijke dieren worden de volgende extra eisen gesteld:
    • zoogkoeien dienen met hun eigen nog zogend kalf (jonger dan 6 maanden) te worden voorgebracht in rubriek “Zoogstellen”;
    • koeien ouder dan 36 maanden moeten minimaal eenmaal gekalfd hebben;
  7. Koeien die hebben gekalfd met een keizersnede, dienen goed genezen te zijn. Geen wondontsteking of dergelijke. Dit ter beoordeling aan de commissie.
  8. Voor aanvang van de keuring dienen alle dieren door de commissie beoordeeld te worden op gebreken als varkensbek, slechte klauwen/benen, schurft en wonden. Dieren met dergelijke gebreken worden niet toegelaten tot de keuring.
  9. Stieren die ouder zijn dan één jaar, dienen voorzien te zijn van een neusring.
  10. Een bedrijfsgroep bestaat minimaal uit 3 dieren en maximaal uit 5 dieren. Zoogkalveren tellen hierbij niet mee. De dieren staan allemaal op naam van één eigenaar.
  11. Een collectie is een groep van drie dieren die zo uniform mogelijk zijn. Deze groep kan of alleen uit mannelijk of alleen uit vrouwelijk dieren bestaan. De dieren staan allemaal op naam van één eigenaar.
  12. Afstammelingen van 1 stier.
  13. Afstammelingen van 1 koe.
  14. De dieren moeten halster mak zijn.
  15. De dieren dienen netjes getoiletteerd te zijn en grondig schoongemaakt te zijn.
  16. De vrouwelijke dieren moeten aan een net halster worden voorgebracht. (bij voorkeur geel)
  17. De personen die de dieren voorbrengen moeten gekleed gaan in donkerblauwe spijkerbroek met een wit overhemd en een rode stropdas. Dit geldt ook voor een 2e persoon bij het desbetreffende dier.
Artikel 4. Aanvoer, standplaats, afvoer
  1. De keuring zal worden gehouden op een door de commissie aan te geven locatie.
  2. De commissie deelt alle deelnemers schriftelijk mede:
    • de tijden waartussen de dieren kunnen worden aangevoerd;
    • de plaats waar de dieren kunnen worden geladen en gelost;
    • de plaats en wijze waarop de deelnemersnummers van de dieren zijn te verkrijgen.
  3. De commissie behoudt zich het recht voor dieren die te laat worden aangevoerd van de keuring uit te sluiten.
  4. De dieren moeten worden geplaatst bij c.q. onder de borden waarop de gegevens van het betreffende dier staan.
  5. Het stallen van dieren tijdens de dag van de keuring, buiten de hal, terrein of ring is niet toegestaan. Dit op straffe van uitsluiting.
  6. De keuringsdieren mogen niet vóór een door de commissie vastgesteld tijdstip (geldend voor de desbetreffende keuring) van het keuringsterrein worden verwijderd, tenzij door de commissie anders wordt aangegeven.
  7. Bij het laden, lossen en plaatsen van de dieren, dienen de aanwijzingen van het daartoe bevoegde en duidelijk herkenbare personeel te worden opgevolgd.
Artikel 5. Toegang keuringsring

De keuringsring is alleen toegankelijk voor:

  1. Personen die dieren voorbrengen. In principe een persoon per dier, met goedvinden van de ringmeester maximaal twee personen per dier.
  2. Personen die benoemd zijn door de commissie en t.b.v. hun functie in de ring aanwezig moeten zijn (ringmeester, arbiter, jury, lintendame, fotograaf).
  3. Personen die van de ringmeester toestemming hebben gekregen de ring te betreden (pers, speciale gasten).
Artikel 6. Inschrijving
  1. Hetzelfde dier kan slechts worden ingeschreven in één rubriek (met uitzondering van de collectie, bedrijfsgroep of zoogstel). Staat een dier eenmaal ingeschreven in een bepaalde rubriek, dan kan het alleen met goedvinden van de commissie worden overgeplaatst in een andere rubriek.
  2. De ingeschreven dieren moeten voldoen aan de inzendingvoorwaarden, artikel 3, lid 1 tot en met 16.
  3. De commissie houdt zich het recht voor om bij onvoldoende opgave/opkomst een rubriek te laten vervallen of wijzigingen aan te brengen als daartoe gegronde redenen bestaan.
  4. Indien ingeschreven dieren (zijnde dieren die in de catalogus staan vermeld) worden teruggetrokken is men verplicht dit tijdig aan de commissie te melden met opgaaf van reden.
Artikel 7. Keuring
  1. De keuring begint op een door de commissie kenbaar gemaakte tijd. Een en ander wordt door de commissie tijdig schriftelijk kenbaar gemaakt.
  2. Voor de keuring zal door de ringmeester worden gecontroleerd of aan de inzendingvoorwaarden (artikel 3) wordt voldaan. Mocht dit niet het geval zijn, dan heeft de ringmeester de bevoegdheid begeleider en dier de toegang tot de ring te weigeren.
  3. In geval van veterinaire aspecten, is de ringmeester verplicht de dierenarts te laten beoordelen of het dier al dan niet in de ring kan blijven. De uitspraak van de dierenarts is bindend. Indien de dierenarts niet meer aanwezig is en het dier niet door de dierenarts is gecontroleerd, beslist de ringmeester.
  4. De beoordeling van de ingezonden dieren wordt toevertrouwd aan een jury van deskundigen, aan wiens uitspraak de inzenders zich dienen te houden. De jury is gerechtigd tot uitsluiting van bekroning.
  5. Gedurende de keuring mag geen enkel dier van enig merkteken voorzien zijn. Dit met uitzondering van oormerken gezondheidsdienst.
  6. De dieren worden bij binnenkomst opgesteld op:
    • catalogusvolgorde,
    • met de achterkant van de dieren naar het publiek,
    • van laag naar hoog nummer,
    • van links naar rechts.
  7. De jury laat de dieren met de klok mee rond lopen,
    • plaatst de dieren tijdens het lopen,
    • elke keer wordt het minste dier eruit gehaald,
    • deze stelt zich in het midden op en elk volgend dier gaat hier links naast staan,
    • indien een dier niet kampioenswaardig is gaat deze niet door naar de kampioenskeuring ’s middags,
    • koeien die in de afgelopen 30 maanden niet gekalfd hebben mogen niet deelnemen aan de kampioenskeuring,
    • de laatste 2 overgebleven dieren plaatsen zich voor de kampioenskeuring ’s middags.
  8. Mocht de jury niet tot eenduidige beslissing kunnen komen, dan beslist de arbiter Zijn besluit is bindend.
Artikel 8. Prijzen
  1. Na afloop van de keuring is er een defilé van alle kampioenen.
  2. De plaats en tijd van de prijsuitreiking wordt aan de inzenders meegedeeld.
  3. Bij mogelijke vergissing of onjuiste opgaven voor de toekenning van de prijzen, beslist de commissie in hoogste ressort.
Artikel 9. Aansprakelijkheid
  1. De inzender is aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door hem, zijn personeel of zijn dieren aan het personeel en eigendom van de commissie dan wel aan derden.
  2. De inzender vrijwaart de commissie in het eerste lid bedoelde geval voor alle schadeaanspraken van derden, ongeacht de oorzaak van de schade.
  3. De inzender mag geen daden stellen dan wel nalaten, waardoor hinder wordt veroorzaakt of de normale gang van zaken wordt belemmerd.
  4. De commissie aanvaardt generlei aansprakelijkheid voor schade aan of door op de tentoonstelling aanwezige personen of dieren toegebracht. Dit risico blijft volledig voor rekening van de inzenders en deelnemers van de tentoonstelling.
  5. De inzender licht zijn WA-verzekering in dat hij keuringen bezoekt met zijn vee.
Artikel 10. Sanctiebepalingen
  1. Indien nodig beslist de commissie bij het niet voldoen aan de in dit reglement genoemde artikelen ad hoc welke sancties gedurende deze bepaalde keuring genomen dienen te worden.
  2. Daarnaast behoudt de commissie zich het recht voor het stamboekbestuur te adviseren om deelnemers die op welke wijze dan ook niet aan dit reglement voldoen, sancties op te leggen. Bij overtreding van dit reglement zal het stamboekbestuur in principe een sanctie opleggen die neerkomt op uitsluiting van twee jaren van alle door het stamboek georganiseerde keuringen. Het stamboekbestuur beslist na hoor en wederhoor binnen 30 dagen hoe te handelen.
Artikel 11. Slotbepalingen
  1. In gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.
  2. De inzender wordt geacht op de hoogte te zijn van de inhoud van dit reglement. Tevens dient de inzender de inhoud van dit reglement ter kennis van zijn personeel en van de vervoerder te brengen.
  3. De commissie houdt zich het recht voor dit reglement te allen tijde te wijzigen.
  4. Dit reglement kan worden aangehaald als het “Keuringsreglement”.
Rubrieken(richtlijn)

Morgenprogramma

Vrouwelijk:

Mini's
0 - 4 maanden
4 - 8 maanden
8 - 12 maanden
 
1 – 2 jaar
12 - 16 maanden
16 - 20 maanden
20 - 24 maanden

2 - 3 jaar

3 - 4 jaar

4 jaar en ouder

Zoogstellen (kalf tot 6 maanden)

Mannelijk:

Mini's
0 - 4 maanden
4 - 8 maanden
8 - 12 maanden
 
1 – 2 jaar
12 - 16 maanden
16 - 20 maanden
20 - 24 maanden

2 - 3 jaar

3 - 4 jaar

4 jaar en ouder

Middagprogramma/Kampioenskeuring

Vrouwelijk:

Mini's
0 - 4 maanden
4 - 8 maanden
8 - 12 maanden
 
1 – 2 jaar
12 - 16 maanden
16 - 20 maanden
20 - 24 maanden

2 - 3 jaar

3 - 4 jaar

4 jaar en ouder

Zoogstellen (kalf tot 6 maanden)

Miss Toekomst (tot 2 jaar)

Reserve Kampioen

Algemeen Kampioen vrouwelijk (2 jaar en ouder)

Mannelijk:

Mini's
0 - 4 maanden
4 - 8 maanden
8 - 12 maanden
 
1 – 2 jaar
12 - 16 maanden
16 - 20 maanden
20 - 24 maanden

2 - 3 jaar

3 - 4 jaar

4 jaar en ouder

Mister Toekomst (tot 2 jaar)

Reserve kampioen

Algemeen Kampioen mannelijk (2 jaar en ouder)

Overige:

Afstammelingen van 1 stier

Afstammelingen van 1 koe

Bedrijfsgroep Bedrijfscollectie